‘Acteurs schaden de film’

Interview met Carlos Reygadas

Interview / Bor Beekman

In zijn film Stellet Licht portretteert Carlos Reygadas de strengprotestante Mexicaanse Mennonieten. Hij werkt enkel met amateuracteurs, wat het filmen er niet altijd makkelijker op maakt.

Er zijn tegenwoordig wel meer regisseurs die liever met amateurs werken dan met geschoolde acteurs, maar zo rigide als de Mexicaanse filmer Carlos Reygadas (1971) tref je ze zelden.

Zijn nieuwe film Stellet licht (stil licht) speelt zich af binnen de strengprotestante Mennonieten-gemeenschap van Noord-Mexico. Op zoek naar ‘persoonlijkheden’ voor de drie hoofdrollen in zijn film, zocht Reygadas gedurende een periode van drie jaar aansluiting bij diezelfde Mennonieten-gemeenschap. Dat leverde hem, na heel veel praten, één authentieke mannelijke Mennoniet op, voor de rol van Johan.

Die Johan wordt in de film verliefd op een andere vrouw. Maar voor de vrouwenrollen was onder de Mexicaanse Mennonieten weinig animo. Dus trok regisseur Reygadas naar Canada, waar ook Mennonieten wonen. Daar vond hij een geschikte Esther, in de film  de echtgenote van Johan. Bleef er nog een hoofdrol over. Reygadas huurde een woning in de Amsterdamse Jordaan en trok met zijn auto door Nederlandse en Duitse boerengemeentes, tot hij stuitte op de Kazachstaans-Duitse María Pankratz, die Marianne speelt, de vrouw op wie Johan in de film verliefd wordt. 

‘Ja, het was zwaar’, mompelt Reygadas, gevraagd naar al die inspanningen. ‘Maar zonder de juiste personen had ik geen film.’

En kom bij hem niet aan met verhalen dat die María Pankratz misschien toch al wat ervaring had als actrice. Reygadas, minzaam: ‘Dat zégt ze. Ze bedoelt dat ze ooit één keer, op school, op het toneel heeft gestaan.’

Ook in zijn eerdere speelfilms, Japón (2002) en Batalla en el cielo (2005) werkte Reygadas enkel met amateuracteurs. Hun gebrek aan ervaring noemt hij essentieel voor zijn methode van filmen, of eigenlijk voor alle cinema. ‘Ik ben totaal niet geïnteresseerd in de kunst van het acteren. Als iemand begint te acteren, zie je alleen nog maar de acteur, geen individu. WEn wanneer je Nicole Kidman of Brad Pitt voor de camera zet, of welk bekend gezicht ook, dan maak je de kans groter dat de kijker denkt: hé, dat is een acteur. Daarmee beschadig je de essentie van de filmervaring.’

Heel veel praten leverde één mannelijke Mennoniet op voor de film

En dat overkomt, geeft Reygadas toe, zelfs de grootsten onder zijn collega’s. ‘Ik heb recent Het Uur van de Wolf gezien van Ingmar Bergman. Het eerste shot is schitterend: een hutje in de bergen, de wind waait, de camera glijdt over het in bloei staande veld – zo mysterieus en mooi. En dan komt Liv Ullman uit het hutje, en denk je direct: oh, we bevinden ons in het Bergman-universum. Als Liv Ullman nooit in een andere film had gespeeld, was die film zoveel mooier geworden.’

Carlos Reygadas werd in Mexico City geboren, studeerde rechten en werkte in Brussel als advocaat voor de Europese Commissie, gespecialiseerd in gewapende conflicten. Tot hij filmer besloot te worden. Eerst van korte films, waaronder een waarin Vlamingen en Walloniërs elkaar te lijf gaan. Met zijn eerste speelfilm Japón, voor weinig geld opgenomen in ruraal Mexico, werd Reygadas direct onthaald als groot talent van de internationale art cinema.

De hoofdrolspeler uit Japón, Alejandro Ferretis, was een huisvriend van de ouders van Reygadas. In de film speelt hij een man die zelfmoord wil plegen, maar strandt in een klein dorpje, waar hij een relatie begint met een veel oudere vrouw. Twee jaar na de filmopnames werd Ferretis doodgeslagen met een sloophamer. De dader is nooit gevonden. Reygadas: ‘Ik vind dat nog altijd moeilijk om te geloven. Die moord was extremer dan alles wat ik ooit in een film heb gezien, zelfs vergeleken bij Silence of the Lambs.’

Reygadas plukt vaker mensen uit zijn directe omgeving voor zijn films. En als hij ze van verder moet halen, gaat hij bij voorkeur langdurige relaties met ze aan. Met hoofdrolspeler Cornelio Wall (Johan) uit Stellet licht is hij inmiddels zeer goed bevriend geraakt.

Toch heeft Wall het sinds de film niet makkelijk gehad.  Een deel van de Mexicaanse Mennonieten-gemeenschap is niet blij met de weergave van hun geloofsgenoten. Dat de film over overspel gaat, staat sommigen  niet aan. ‘Uiteindelijk gaat het om jaloezie’, meent Reygadas. ‘Een machtige Mennoniet met een radiostation heeft een hekel aan Cornelio en bepaalt wat de anderen moeten denken.’

Zelf moet Reygadas  inmiddels ook oppassen wanneer hij zijn Mennonieten-vriend opzoekt. ‘Sommigen zijn zeer boos op mij.’

In Stellet licht wordt Plautdietsch gesproken, de vrijwel dode taal van de Mennonieten. Niemand in de bioscoop verstaat die taal, wat Reygadas de mogelijkheid bood de ondertiteling hier en daar naar eigen inzicht bij te schaven. ‘Zo kon ik de tekst zo universeel en neutraal mogelijk houden.’

Aanbiedingen om te werken in Hollywood heeft Reygadas tot nu toe afgeslagen. ‘Ik wil mijn films zelf onder controle houden. Dat lukt daar niet.’ Ook met zijn eigen landgenoten voelt hij zich weinig verwant. Al zal hij zich niet openlijk distantiëren van de ‘Mexicaanse golf’, met als meest succesvolle exponenten de regisseurs Alejandro González Iñárritu (Amores Perros, Babel) en Alfonso Cuarón (Y tu mama también, Children of Men).

‘Ik ben solidair met ze en waardeer hun werk, maar we delen vooral zaken náást de film. Het is het tegenovergestelde van wat er bijvoorbeeld in Scandinavië met Dogma gebeurde.’ In Mexico, zegt Reygadas, willen filmers zich niet afzetten  tegen een bepaald soort cinema, of een ‘school’ stichten. ‘Niemand zegt hier tegen een ander hoe het moet.’

ADVERTENTIE