De favela-film is hard op weg een genre op zich te worden. Een soort tropische western, gesitueerd in de kleurrijke Braziliaanse krottenwijk, waar goed en kwaad even diffuus is als de planologie. Een onmogelijk in een studio na te bouwen, even grimmig als bontrealistisch filmdecor, bevolkt door minderjarige gangsters die in continue strijd lijken te verkeren met concurrerende bendes en corrupte agenten.
In 2002 verschafte regisseur Fernando Meirelles de filmwereld van een superieur cliché. Zijn film Cidade de Deus, gebaseerd op de roman van Paulo Lins, geldt inmiddels als moderne klassieker; een visueel overdonderende, orgastische mix van drugs, geweld en warmbloedige uitzichtloosheid.
Sindsdien geldt de favela als populaire locatie, ook voor filmers van buiten Brazilië. Rapper Snoop Dogg neemt er zijn videoclips op, het monster de Hulk zoekt er onderdak in zijn laatste blockbuster. En Cidade de Deus, stad van God, kreeg wegens het internationale succes een vervolg als televisieserie onder de naam Cidade dos homens, mensenstad.
Die serie is nu weer omgebouwd tot een gelijknamige speelfilm, met Meirelles als producent. De hoofdrolspelers uit de televisieserie spelen ook de voornaamste rollen in de film.
Favela-bewoner Laranjinha (Darlan Cunha) wordt inmiddels bijna 18. Vriend Acerola (Douglas Silva) is al net 18, en vader van een zoontje. De een verdient zijn geld met zijn brommertaxi, de ander als nachtwaker. Maar veel zekerheid bieden die baantjes niet, in een wijk die is overgeleverd aan de grillen van de plaatselijke gangsterbaas Madrugadao.
En wanneer Madrugadao ook nog eens in conflict raakt met zijn gefrustreerde onderbaas Nefasto, is een familielid of vriendinnetje aan de verkeerde kant van de strijd al voldoende reden voor een kogelregen, of een gedwongen verhuizing naar een andere wijk.
Regisseur Paulo Morelli legt de emotionele kern van zijn vertelling bij een onderliggend probleem in de sloppenwijk; vaderloosheid. Net als de uit de echte favela geplukte acteurs die hen in de film vertolken, hebben de personages Laranjinha en Acerola nooit hun vader gekend. En beide jongens willen, nu ze zelf volwassen worden, meer weten over hun verwekker. Een vergeelde voetbalelftalfoto helpt bij de zoektocht.
Daarmee heeft Morelli een sterk gegeven in handen om zijn film boven de gangbare favela-clichés uit te tillen, maar hij kan de verleiding niet weerstaan om ook royaal stil te staan bij de bendeoorlog, in weinig geïnspireerde gangsterscènes.
En zo stuurt hij zijn film en hoofdpersonen continu terug naar al te bekend terrein. Een terrein waarop Cidade dos homens voortdurend onderdoet voor het origineel.