Biopic als een koortsdroom

Il Divo van Paolo Sorrentino

Filmrecensie / Bor Beekman

Il Divo begint met een verklarende glossario Italiano. Handig, voor wie niet weet wat de extreem-linkse Brigatte Rosse is, of uit wie de P2 loge van de vrijmetselaars bestaat. Of hoe de Democrazia Cristiana ooit in elkaar stak, de partij van Giulio Andreotti – die van de jaren zeventig tot negentig deel uitmaakte van de Italiaanse regering. Als premier (zeven maal) en als minister (21).

  • Il Divo

    Il Divo


Maar ook iemand met een globaal overzicht van de moderne Italiaanse staatsgeschiedenis, verliest al vlot het overzicht bij het grote aantal bloederige afrekeningen en personages (en namen en bijnamen) die regisseur Paolo Sorrentino in het eerste half uur van zijn film in hoog tempo op zijn publiek afvuurt. De volledige kliek rondom Andreotti wordt stijlvol geïntroduceerd: van Andreotti’s politieke rechterhand Franco Evangelisti (‘de limoen’) tot zijn vaste kardinaal Fiorenzo Angelini (‘zijne gezondheid’). Il Divo leent daarbij de filmtaal van moderne misdaadfilmers als John Woo en Guy Ritchie; vertraagde beelden gecombineerd met een snelle montage.

Wie geen Italiaan is, kan Il Divo het beste ondergaan door achterover te leunen en niet te proberen alles te begrijpen – daartoe beweegt de film zich te snel, en is er simpelweg te veel moois te zien en te horen. Wie nog stil staat bij een vorige scène mist onherroepelijk iets uit de volgende. Wat doet het er toe wie precies wie is, in de prachtige, als een dampende videoclip gefilmde scène waarin de installatie van de nieuwe regering overgaat in een uitzinnig feest, met drumband, wild dansende ministers en schaars geklede danseressen? Het beeld beklijft, evenals de onderliggende boodschap. In Sorrentino’s scenario hoeven de feiten niet zozeer ineen te grijpen, maar dragen ze ook los van elkaar bij aan het totaalbeeld – die wonderlijke Italiaanse vervlechting van politiek, maffia en Vaticaan.

Hoofdpersonage is Giulio Andreotti, de politicus die een veelheid aan bijnamen met zich meedraagt: de salamander, de zwarte vader, Beëlzebub, Il divo. De man die voor iedereen een enigma is, zelfs voor zijn echtgenote, en elke aanval op zijn persoon of politiek pareert met messcherpe aforismen; ‘op de Punische oorlogen na, heeft men mij van alles de schuld gegeven’.
Acteur Toni Servillo (Gomorra) onderging een complete metamorfose voor de rol, en oogt als een levende spitting image-pop van Andreotti. Onder alle lagen make-up acteert hij voortreffelijk, zij het slechts met oogjes en stem.

In de tweede helft van zijn film neemt regisseur Sorrentino iets gas terug, en wordt Andreotti in de nadagen van zijn politieke carrière voor talloze commissies en rechters gebracht wegens zijn vermeende banden met de maffia. Alhoewel Il Divo hier wat aan momentum verliest, schort het niet aan schitterende scènes; waaronder een broederlijke kusscène tussen Andreotti en de grote maffiabaas Totò Riina.
 
Sorrentino presenteert zijn biopic van Andreotti als een koortsdroom, waarbij de onorthodoxe vorm meer is dan omhulsel. Met alle poespas biedt Il Divo een verbijsterend reëel beeld van hoe men in Italië een land runt.

ADVERTENTIE