‘Dit is een mooie plek om te sterven’, dacht het hoofdpersonage van The Sound of Insects: Record of a Mummy ooit, toen hij als jongere door een stuk afgelegen bos wandelde. En nu, jaren later, is hij terug in het natuurgebied, om afscheid te nemen van het leven. Kennelijk werd de doodswens – of fascinatie – al vroeg ingezet. Maar verdere uitleg blijft achterwege. Hier vullen associatieve beelden de leemte, aangevuld met overgebleven fragmenten uit een logboek, waarin een man zijn 62 dagen tussen leven en dood beschrijft: ‘Dag 1. 7 augustus. Ik ben gestopt met eten.’
Honderd dagen later wordt hij door een jager aangetroffen in de smeltende sneeuw, gemummificeerd. The Sound of Insects opent met beelden van het ruimen van het overschot, terwijl een vrouwenstem de feiten opleest: man, 40, 176 cm, 36 kilogram, nu zo’n honderd dagen dood. En tussen zijn benen lag dat opschrijfboekje.
Het hypnotiserende filmverslag van de Zwitserse cineast Peter Liechti, dat vorige week de prijs voor ‘beste documentaire’ won tijdens de European Film Awards, valt wellicht het beste te omschrijven als een meditatieve, uitgebeende variant op de man-sterft-in-natuur film, met Sean Penns Into the Wild en Werner Herzogs Grizzly Man als recente geslaagde voorbeelden. Zonder dagboek geen verhaal, gold daar, evenals hier. Liechti baseerde zich op een novelle van de Japanse schrijver Shimada Masahiko, die zich liet inspireren door de werkelijkheid.
Na de vondst van het lijk, neemt een emotieloze mannenstem The Sounds of Insects over. Over zijn maagkrampen gaat het, de pijn van interend vlees. En hoe hij met zijn zelf verkozen hongerdood toch nog een zweem van zin hoopt te geven aan zijn verder betekenisloze bestaan. We zien hem niet. Filmer Liechti prikkelt de zintuigen met een collage van dierengeluiden, bosgroen en droomachtige, weinig eenduidige beelden, variërend van een waslijn vol teddybeertjes tot een dansende man aan de vloedlijn – eenzaamheid ademt het.
Als getuigenis van een fysieke en mentale aftakeling is The Sound of Insects even indringend als huiveringwekkend, maar de lucide bespiegelingen van de van honger ijlende man (over Dante en Beckett), zijn niet allemaal even interessant, zoals ook de sterk ritmische beeldtaal van Liechti (roeien in een bootje als de dood nadert) soms wat weinig verrast. Toch biedt zijn film een bijzondere, zij het uitputtende, kijkervaring. The Sounds of Insects is confronterend morbide waar collega-filmers het sterven in de natuur nog iets van heroïek meegaven. Hier blijkt het een weinig romantische aangelegenheid.