Visie op De Nieuwe Mens

Films over de belofte van eeuwige jeugd, oneindige intelligentie

Special / Floortje Smit

Een visie op De Nieuwe Mens duikt op tijdens het IDFA. Grappig, maar te verontrustend om hard om te lachen. Tussen alle verbazing over nieuwe technologieën door dwingen de documentaires je na te denken over de maakbaarheid van de mens en je eigen grenzen te formuleren.

‘Mooie ogen’. ‘Problematische neus.’ ‘Kijk, kuiltjes, volle lippen’. ‘Mmm, ik wil geen blondine’. Twee Israëlische mannen zitten over een laptop gebogen en beoordelen foto’s van Amerikaans-Joodse vrouwen die sowieso knap, slim én sportief zijn. Maar als je genoeg betaalt, kun je nóg meer eisen stellen aan de vrouw die je een kind gaat bezorgen.

Laat dit eerst even duidelijk zijn: de mannen zijn in Google Baby niet op zoek naar een nieuwe partner. Ze hebben elkaar al. Op deze site zoeken ze een geschikte vrouw (Joods en ‘het liefst een die op mijn moeder lijkt’) voor een eiceldonatie.

Ze worden daarbij geholpen door Doron, een ondernemer met visie. Zijn idee is even simpel als complex. Israëlisch sperma wordt naar de Verenigde Staten gevlogen waar het met een donoreitje een embryo vormt. Die gaat dan naar India waar arme vrouwen de zwangerschap voldragen in ruil voor geld – negen maanden liggen ze op een slaapzaal een beetje voor zich uit te staren tot ze een blanke baby baren.
‘Outsourcen’ noemt Doron dat.

Google Baby

Wie moeite heeft met dat beeld van de mens als broedmachine of eicelfabriek kan bij deze 22ste editie van IDFA zijn lol op. De manier waarop in Google Baby een kind wordt gefabriceerd is – als je de documentaires moet geloven – nog maar het begin. De Nieuwe Mens bestelt in de toekomst niet alleen een zelf vormgegeven baby via internet, maar slikt pillen om zijn biochemische balans te ‘resetten’, injecteert chips zo klein als cellen in zijn bloedstroom, zet zijn neurosysteem online, vindt privacy ouderwets en stelt het betalen van de hypotheek even uit voor botoxinjecties.

Sterker nog: ‘Onze biologische vorm zal in de toekomst overbodig worden’, aldus futuroloog Ray Kurzweil in de documentaire The Transcendent Man. ‘We zullen het idee van één lichaam, zonder back-ups van het geheugen primitief gaan vinden.’

Kurzweil is niet gek, eerder hyperintelligent. Aan het begin van de documentaire is te zien hoe hij een zelfgebouwde computer die muziek kan componeren demonstreert in een televisieprogramma. Het is 1965, hij is dan 17 jaar. Later ontwikkelde hij een apparaat waarmee blinden kunnen lezen en software om kinderen met dyslexie te helpen. Hij voorzag de opkomst van internet en wist – ongeveer – in welk jaar een computer de wereldkampioen schaken zou verslaan. Bill Gates noemde hem de beste man die het best om die de toekomst van artificial intelligence kan voorspellen.

En Kurzweil gelooft oprecht dat technologie in de toekomst de mens en het leven nóg beter kan maken. Dat nanorobots zo groot als bloedcellen hersencapaciteit kunnen vergroten en de mens gezond kunnen maken van binnenuit. Dat onsterfelijkheid binnen handbereik is.

De Japanse dr. Nakamats, die over zichzelf alleen in de derde persoon praat, gelooft iets soortgelijks. In The Invention of Dr. Nakamats stelt hij dat hij zeker 144 gaat worden met dank aan breindrankjes (‘met dertien verschillende kruiden’), en een schema van een maaltijd en vier uur slaap per dag. Hij fotografeert zijn eten al 34 jaar elke dag om te zien welke dingen invloed hebben op zijn bloed en stelde zo een lijst samen van 65 goede voedingsstoffen. Volg zijn voorbeeld en haal de 100 met gemak.

Goed, excentriek is hij op zijn minst, maar hij de uitvinder extraordinaire claimt ook de uitvinder te zijn van de floppy, de sauspomp en een watermotor. En hij heeft nog eens ruim 3350 andere patenten.
Wat Kurzweil en dr. Nakamats prediken is moeilijk te geloven, maar hun manier van redeneren is verraderlijk eenvoudig: denk buiten de kaders. Technologie ontwikkelt zich immers sneller dan je je kunt voorstellen. Kurzweils favoriete vergelijking is die rondom de mobiele telefoon. Die is een miljoen keer kleiner, een miljoen keer goedkoper en duizend keer beter dan de supercomputer waarmee hij werkte in zijn studietijd op het MIT. Technologie wordt gebruikt om nieuwe technologie te ontwikkelen dus dat blijft exponentieel groeien. Dat heeft invloed op mensen – ook op hun manier van denken. Wat nu onvoorstelbaar is, hoeft niet onmogelijk te zijn – integendeel, zeggen deze futuristen.

The Transcendent Man

Zij kunnen hun gelijk halen bij documentaires die soms op science fiction lijken, maar dat niet zijn. Met het outsourcen toont Google Baby al consequenties van kunstmatige inseminatie die een paar jaar geleden nog ondenkbaar waren. Youth Knows No Pain laat zien hoe plastische chirurgie zich heeft ontwikkeld van een industrie die hazenlippen herstelde en borstreconstructies maakte voor kankerpatiëntes tot een die drijft op vrouwen van 30 die op botox-parties hun eerste kraaienpootjes laten wegspuiten. Videocracy toont hoe een generatie die opgegroeid is met televisie onbedoeld een heel andere opvatting krijgt van schoonheid en succes.
 
Het is ook televisie, zo vertelt internetpionier Josh Harris in het fascinerende We Live in Public, die hem heeft gevormd. Zijn moeder zette hem daar uren achtereen achter. ‘Mijn emoties leerde ik niet via andere mensen, maar via Gilligan’ (van de televisieserie Gilligan’s island). Even makkelijk stelt hij dat hij ‘virtueel’ van zijn moeder houdt, niet fysiek. En dat verklaart misschien dat hij meteen in de jaren tachtig al enthousiast was over het communiceren via een computernetwerk. Maar, zo voorspelt hij ook, internet zal een fundamentele verandering teweegbrengen in ons idee van menselijkheid. Het idee van privacy zal verdwijnen.
Om dat te testen zette hij bijvoorbeeld in 1999 het sociale project Quiet, we live in public op, een soort Big Brother, maar dan enger. Hij creëerde een eigen maatschappij in een ondergronds hotel waarin iedereen elkaar elk moment in de gaten kon houden via een systeem van camera’s en monitoren. Dat loopt – natuurlijk – volstrekt uit de hand, iets wat in de documentaire beklemmend getoond wordt. Het lijkt Harris koud te laten – hij ziet het als gevolg van een niet te stoppen ontwikkeling.
 
En zo lijken alle hoofdpersonen in hun verering van technologie doof te zijn voor de ethische vragen die bij de toeschouwer vroeger of later door het hoofd gaan zoemen. In hoeverre kun je mensen als ding beschouwen? Met hoeveel ingebrachte elektronica ben je niet meer menselijk? Is dit eigenlijk niet een soort God spelen? Leert het verhaal van Frankenstein niet al honderd jaar dat zoiets onvermijdelijk consequenties heeft? In Transcendent Man denken sommige wetenschappers van wel. Er zal een inferieure klasse ontstaan door mensen die niet mee doen. Dat gaat oorlog opleveren.

De antwoorden van de pioniers zijn rechtlijnig en positief. Dood is een tragedie waar we ons bij neerleggen omdat het nog niet anders kan. Mooi oud worden kun je ook zien als accepteren wat je kunt veranderen.
Maar het is niet zo dat deze mensen nu eenmaal ‘verder’ zijn in hun denken – zoals ze zelf graag beweren. Sterker nog: de redenen waarom zij zich zo vastklampen aan technologische ontwikkeling zijn heel menselijk. Harris lijkt vooral op zoek naar een echte relatie. De geobsedeerde vrouwen uit Youth Knows No Pain helpen documentairemaakster Mitch McCabe met haar vragen over schoonheid uiteindelijk dichter tot haar vader te komen, een plastisch chirurg die in een auto-ongeluk overleed. ‘Raar idee dat hij iemand jaren jonger kon maken, maar in een fractie van secondes stierf.‘

Ook dr. Nakamats kan zich niet neerleggen bij de dood van zijn moeder. En angst voor de dood lijkt ook de voornaamste beweegreden van Kurzweil. Zijn vader leed aan dezelfde hartkwaal als hij: hij droomt ervan die te genezen en hem weer tot leven te wekken – letterlijk. Zijn geloof in technologie doet op sommige punten denken aan een religie, erkent hij.

We Live in Public

Voortdurend balanceren de hoofdpersonen uit de documentaires op de dunne grens tussen genialiteit en gekte. De enige manier om te reageren op hun – steeds verder voerende – theorieën is met ongeloof.
Maar ze spreken ook precies die universele, menselijke verlangens aan die kinderen worden afgeleerd. Dromen van eeuwige jeugd. Schoonheid. Wezenlijke connecties. Een leven na de dood.
 
En daar valt toch moeilijk weerstand tegen te bieden in een wereld waarin de grenzen constant verschuiven. Bij documentairemaakster McCabe (Youth Knows No Pain) gaat het ook knagen. Ze verft haar haar, ze betaalt fortuinen aan crèmes die waarschijnlijk toch niet werken. Waarom dan niet dat snufje botox? Een wetenschapper in Transcendent Man maakte vrij makkelijk de stap van een geïmplanteerd chipje naar een compleet in zijn arm ingebouwd systeem. Zo verslavend kan het zijn, die belofte van eeuwige jeugd, oneindige intelligentie, onsterfelijkheid.

Of het allemaal ooit mogelijk zal zijn, doet er niet zo toe. Tussen alle verbazing door dwingen de documentaires je na te denken over de maakbaarheid van de mens en je eigen grenzen te formuleren.
Als iets kan, moet je het dan ook doen? Als het een vrouw in India geld oplevert zodat zij haar eigen kind kan opvoeden, moet dat outsourcen dan niet gewoon kunnen. Maar moet een vrouw van 57 een baby kunnen bestellen via internet – ook al ziet ze er nog jong uit? Natuurlijk schept de nieuwe manier van communiceren via internet mogelijkheden. Maar hoeveel privacy wil je daarvoor op geven? Hoe ver kun je technologie het lichaam laten aanvullen zonder dat het aan menselijkheid verliest en zonder andere vervelende consequenties?

Deze documentaires laten zien dat die eerste stappen al zijn gezet, waarmee die vragen uiterst urgent zijn.