‘Pablo Escobar, als vader fantastisch’

Interview met Juan Pablo Escobar

Interview / Iñaki Oñorbe Genovesi

Zestien jaar is hij dood. Maar nog altijd duikt vrijwel dagelijks zijn naam op in Colombia: Pablo Escobar, de rijkste en machtigste drugsbaron aller tijden. Gehaat bij zijn talrijke slachtoffers en hun nabestaanden. Geliefd bij de minderbedeelden van zijn geboortestad Medellin, aan wie hij duizenden woningen en een groot aantal sportvelden schonk.

Het verklaart wellicht waarom Escobars graf in Medellin veruit het meest bezochte van Colombia is. Waarom zijn levensverhaal – een aaneenschakeling van ongekende uitspattingen en gruwelijke moorden – lang na het abrupte einde door politiekogels op 2 december 1993 nog altijd tot de verbeelding spreekt, en Escobars beroemde motto plata o plomo (‘pak het geld of sterf’) een inspiratiebron blijft voor jeugdige Colombianen die door drugs en geweld een beter leven hopen te bereiken.

Tot grote ergernis van Juan Pablo Escobar, de zoon. ‘Er is niks aantrekkelijks of heldhaftigs aan drugshandel. Het is beslist ook geen oplossing voor welk probleem dan ook. Integendeel, het creëert alleen nog meer narigheid en is slechts een recept voor nietsontziend geweld en nodeloos bloedvergieten.’

Het is deze boodschap die de 32-jarige Juan Pablo graag wilde vertellen in de documentaire Sins of my Father van de Argentijnse regisseur Nicolás Entel. De wereld tonen dat er een schaduwkant is aan het vaak verheerlijkte leven van zijn legendarische vader. Want de machtige drugsbaron die pochte nooit zijn criminele werk mee naar huis te nemen, zadelde zijn gezin op met een bittere erfenis.


Vrezend voor hun leven hebben Juan Pablo, zijn zus en hun moeder door Ecuador, Peru, Brazilië, Zuid-Afrika en Mozambique moeten dwalen. Tot ze eind 1994 als toeristen in Argentinië konden neerstrijken. Maar ook daar moesten ze lijdzaam ondergaan hoe justitiële onderzoeken en korte celstraffen hun levens overhoop haalden.
Nu eens vanwege mogelijke betrokkenheid bij de misdaden van Escobar en diens gevreesde kartel, dan weer vanwege geruchten dat zij een deel zouden bezitten van diens drugsfortuin – door Forbes ooit geschat op 2 miljard euro.
Vier jaar geleden besliste de Argentijnse rechter dat ze nergens schuldig aan zijn. Maar het leed was geschied. Escobars dochter Manuela, die leeft onder de schuilnaam Juana, heeft zelfmoordpogingen ondernomen. Juan Pablo, die onder zijn nieuwe naam Sebastián Marroquín als architect in Buenos Aires werkt, heeft met depressies te kampen gehad.

Over het geld wil Juan Pablo duidelijk zijn. ‘Er is geen geld. Ik zou willen dat het er was. Dan zouden we miljoenen aan de armen geven. Maar het is allemaal weg.’ Over zijn betrokkenheid bij zijn vaders misdaden is hij vager: ‘Mijn vader heeft mij altijd gesteund en aangemoedigd de persoon te zijn die ik wilde zijn. Hij heeft mij nooit onder druk gezet bij het kartel te komen of hem op te volgen.’

Waarom die geheimzinnigheid? Hij blijft op zijn hoede. ‘Het is niet aan mij alles te vertellen, leugens en halve waarheden te ontkrachten. Er zijn in Colombia genoeg mensen die er niet op zitten te wachten dat Pablo Escobars zoon na zestien jaar is gaan praten.’
‘Natuurlijk heb ik een risico genomen, en ben ik bang. Maar ik laat mij er niet meer door verlammen. Ik voelde dat ik mijn verhaal moest vertellen. En dat doe ik in de documentaire. Op mijn manier.’
De film heeft hem de kans geboden vergiffenis te vragen aan nabestaanden. Een van de hoogtepunten van de documentaire is Juan Pablo’s ontroerende ontmoeting met de zonen van oud-minister van Justitie Rodrigo Lara en de charismatische ex-presidentskandidaat Luis Carlos Galán. Zij werden in respectievelijk 1984 en 1989 vermoord in opdracht van Escobar.


‘Ik ben niet juridisch verantwoordelijk voor de daden van mijn vader, maar had altijd het gevoel dat ik moreel verantwoordelijk was. Dat ik als enige excuses kon aanbieden uit naam van mijn vader. Uit eerbied voor de slachtoffers, maar ook omdat ik zelf een slachtoffer ben van mijn vader.’

En toch, als je Juan Pablo vraagt of hij spijt heeft een zoon van Pablo Escobar te zijn, ontkent hij resoluut: ‘Absoluut niet. Ik ben niet trots op hem als publiek figuur. Maar als vader was hij fantastisch. Hij heeft mij belangrijke waarden bijgebracht en levenslessen geleerd. Hij heeft mij leren fietsen, maar ook olifant leren rijden.

‘Ik mis mijn vader echt nog elke dag. En heus niet omdat hij mij in exorbitante weelde heeft grootgebracht. Weet je wat het mooiste was met hem? Als we met z’n tweeën wandelden. Dan was waren we dikke vrienden.’