Lachen is bij Dr. Oetker een serieuze zaak

In the Picture op het NFF: humor

Nieuws / Pauline Kleijer

Scenarioschrijvers in de dop krijgen een stoomcursus humor van Robert Alberdingk Thijm. 'Het is aapjes kijken.'

'Humor uitleggen is dodelijk', vindt Robert Alberdingk Thijm. Toch zal hij wel moeten: hij verzorgt een masterclass comedyschrijven op het Nederlands Film Festival. En hoewel hij zijn publiek bezweert dat hij er weinig verstand van heeft ('Ik heb geen scenario-opleiding gehad, dus alles wat ik zeg is Dr. Oetker'), ontpopt hij zich al snel tot een bevlogen leraar.

De zaal zit vol, en iedereen maakt ijverig aantekeningen. Lachen is een serieuze zaak, zo blijkt tijdens het eerste onderdeel van het In the Picture-programma van het festival, dat dit jaar om comedy draait. Later deze week zal de Amerikaanse comedygoeroe John Vorhaus een aflevering van een sitcom opnemen, en gaan stand-up comedians publiekelijk op zoek naar een goede grap. Daarnaast vormt het programma aanleiding de succesvolste Nederlandse komedies nog maar eens te vertonen, zoals Flodder, Schatjes en Shouf Shouf Habibi.

Maar eerst is het opletten geblazen bij Alberdingk Thijm. Met ruime ervaring op het gebied van zowel comedy (In de Vlaamsche Pot, All Stars) als drama (De Daltons, Waltz, Dunya & Desie) heeft de scenarioschrijver een aantal inzichten op een rij gezet. Geen wetten of regels, gewoon wat handvatten bij het schrijven. Ze worden geïllustreerd met goed gekozen fragmenten uit zijn eigen werk en dat van anderen.

'Humor ontstaat vanuit het verschil in inzicht tussen de kijker en het personage', doceert Alberdingk Thijm. 'De kijker weet iets dat het personage niet weet.' De scenarioschrijver noemt dat het Kitler-effect, verwijzend naar een website met foto's van poezen die op Adolf Hitler lijken. 'Waarom is dit grappig?', vraagt hij, terwijl hij een plaatje van een zeer streng kijkende poes met een zwarte spuuglok laat zien. 'Dit is grappig omdat de poes niet wéét dat hij op Hitler lijkt. De poes weet niet eens wie Hitler is.'

Dat een personage soms in het duister tast, betekent niet dat je hem als schrijver niet serieus moet nemen. Komische personages moeten geloofwaardig zijn, ook al hebben ze vaak een wat eenzijdig temperament en weinig zelfreflectie. En: 'Een beetje tragiek helpt enorm. Waar zit het zwarte randje, waar zit het onvermogen?'

Het is een misverstand, zegt Alberdingk Thijm, dat komische personages grappig zijn. Als het goed is, zijn ze zich niet van hun grappigheid bewust. Acteurs moeten daar ook van doordrongen zijn: als ze te veel commentaar op het personage in hun rol stoppen, slaat de humor dood - een reden waarom veel Nederlandse comedy's het niet goed doen, ook al zijn het directe vertalingen van succesvolle buitenlands series.

De scenarioschrijver heeft nog een afrader: te veel tekstgrappen. 'Comedy draait vooral om gedrag. Het is aapjes kijken.' Niet alles uitleggen dus, maar zoveel mogelijk in het gedrag stoppen. 'Je maakt een soort snelkookpan, waar je de personages instopt, plus de dramatische spanning onderling, plus de context.'

Dat klinkt als een werkbaar recept, maar het begint de deelnemers aan de masterclass te duizelen wanneer Alberdingk Thijm met zijn powerpointpresentatie het ene rijtje na het andere voorschotelt: komische situaties, dramatische relaties, opbouw. Terwijl het publiek haastig alles overschrijft, blijft de docent goedgeluimd en ontspannen. 'Het is eigenlijk heel makkelijk', zegt hij kalmerend. 'Als schrijver heb je het allemaal zelf in de hand.'