In het vierde seizoen van Industry is het speelveld veel groter en gevaarlijker

Interview met showrunners Konrad Kay en Mickey Down

Het veelgeprezen financiële drama Industry is terug met een vierde seizoen. Naast de financiële sector komen in deze reeks ook de Britse media en politiek aan bod. ‘We raakten steeds meer geïnteresseerd in wat er rondom de handelsvloer gebeurde.’

Kijken zonder een tweede scherm. Dat is volgens Industry-showrunner Konrad Kay het grootste compliment dat de HBO/BBC-serie vandaag de dag kan krijgen van kijkers. ‘Er zijn vast mensen die Industry op hebben staan terwijl ze op Instagram zitten, maar we schrijven de serie wel met de intentie dat je je brein aanzet,’ vertelt Kay een groepje Europese journalisten in een vijfsterrenhotel in Berlijn. ‘We stoppen alles van onszelf in elk seizoen. Ieder detail is belangrijk en we willen graag dat mensen dat ook meekrijgen.’

De Britse Kay – die de serie samen met Mickey Down creëert, schrijft en inmiddels ook grotendeels regisseert –, is samen met Down en hoofdrolspeelster Myha’la naar de Duitse hoofdstad gekomen om het vierde seizoen te promoten. Een seizoen waarin de serie een kleine reboot krijgt. Want Industry is niet meer het rauwe en sexy financiële drama zoals dit in 2020 van start ging. Om te beginnen is het groepje trainees dat in seizoen 1 hun geluk ging beproeven bij Pierpoint, een beleggingsbank in de Londense City, flink uitgedund. Van de oorspronkelijke groep stagiairs zijn alleen Harper (Myha’la) en Yasmin (Marisa Abela) nog over.

Het verhaal had te zwaar kunnen worden, maar telkens als we naar Marisa en Myha'la overschakelen is er ruimte om te ademen

Mickey Down
showrunner

Een logische ontwikkeling, aldus Mickey Down. ‘Konrad en ik zijn altijd op zoek naar het beste en Myha’la en Marisa zijn het beste aan Industry.’ Hoewel de serie begon met een grote hoeveelheid techbro’s is de vriendschap tussen Harper en Yasmin altijd het kloppende hart van het verhaal geweest wat de showrunners betreft. ‘In het begin lag het er minder dik bovenop, maar die heeft inmiddels haar weg naar de voorgrond gevonden.’

Dit komt niet alleen doordat de showrunners het liefst voor de twee actrices schrijven, maar ook omdat hun vriendschap de belangrijkste rode draad is. ‘De serie wordt inmiddels zo gedreven door de plot, met alle verschillende verhaallijnen die we volgen. Hun complexe relatie aardt alles in emotioneel opzicht,’ stelt Down. Hij wijst ook op enkele zware thema’s die in dit seizoen behandeld worden, zoals misbruik, depressie en verslaving. ‘Daardoor had het te zwaar kunnen worden, maar telkens als we naar Marisa en Myha’la kunnen overschakelen, is er ruimte om te ademen.’

Ken Leung als Eris Tsao en Myha'la als Harper Stern in Industry seizoen 4
© HBO Max

Krampachtig

Een andere grote verandering dit seizoen is de afwezigheid van de handelsvloer van Pierpoint, tot voor kort het epicentrum van de serie – de plek waar de personages altijd weer terugkeerden. Het derde seizoen eindigde echter met de sluiting van de Londense tak van de handelsbank en daarmee verdween ook de vloer. Het was een stap waar Down en Kay eigenlijk al een tijd naartoe werkten, zeggen ze nu. Beide showrunners zijn, in tegenstelling tot veel fans van het eerste uur, namelijk niet echt te spreken over de begindagen van hun serie.

Kay noemt met name de eerste twee afleveringen uit 2020 ‘kil, technisch en overvol’. Hij vindt ook dat ze uit onervarenheid – Industry was voor beide makers de eerste tv-serie die ze schreven – te krampachtig vasthielden aan de handelsvloer. Toen de productie van het tweede seizoen werd stilgelegd vanwege de pandemie besloten ze de actualiteit in hun serie te schrijven. Kay: ‘En vanaf dat moment raakten we steeds meer geïnteresseerd in wat er rondom de handelsvloer gebeurde.’

Het zou nog wel een paar seizoenen duren voor ze het centrum van de reeks echt durfden los te laten, maar zonder de beperking van de handelsvloer bleek de wereld van Industry direct een stuk groter. Naast de financiële sector komen in seizoen 4 ook de Britse media en politiek aan bod. En het alom aanwezige Britse klassensysteem blijft een dankbaar onderwerp.

Kay omschrijft de achtdelige vierde serie als een ‘onvervalste thriller’. Het verhaal draait om Tender – een fintechstart-up waarmee zowel Harper als Yasmin te maken krijgt – en de CEO ervan, Whitney Halberstram (Max Minghella). Een man die Down omschrijft als raadselachtig, en moeilijk te doorgronden. ‘Max heeft als acteur dezelfde kwaliteiten,’ zegt Down. ‘Hij is Brits, maar speelt altijd Amerikanen. Je hoort zijn eigen accent nooit, waardoor het altijd voelt alsof hij echt iemand anders is.’

Kiernan Shipka als Hayley Clay in Industry seizoen 4
© HBO Max

Eindpunt

Naast Minghella is de cast ook uitgebreid met Charlie ‘Stranger Things’ Heaton en Kiernan Shipka, die bekend werd als Sally Draper in Mad Men. Twee acteurs die volgens de showrunners stonden te popelen om mee te doen, en – Industry heeft een bescheiden budget vergeleken met andere HBO-shows – zelfs genoegen namen met minder salaris. ‘Ik denk dat ze zin hadden in iets rebels.’ In de openingsscènes van dit seizoen gebruiken de twee samen drugs en ze hebben seks. Down: ‘Het leuke aan deze casting is dat ze allebei naam maakten met een rol als gezinslid. Kiernan was een van de beroemdste televisiedochters ooit en om haar dan in aflevering 1 meteen innig te laten verstrengelen met een acteur die bekend werd als zoon [van Joyce Byers, red.] en broer van [Will Byers, in Stranger Things, red.] is interessant.’

Nu de reeks een nieuwe weg is ingeslagen, is volgens de showrunners ook het eindpunt dichterbij gekomen. ‘We zijn geen Grey’s Anatomy, dat al een seizoen of twintig loopt,’ zegt Down. ‘Het prettige van deze serie is dat we ieder jaar weer die writers’ room in gingen met het idee dat we alles konden veranderen. Maar nu, na vier seizoenen, beginnen we wel na te denken over waar we de personages het liefst terecht zouden laten komen.’

Dit betekent niet dat het vijfde seizoen – als ze dat mogen maken – het laatste zal zijn, benadrukt Kay. ‘Maar je wilt de serie wel op je eigen voorwaarden laten eindigen. Voordat de kwaliteit afneemt en het liefst op een punt dat mensen nog hunkeren naar meer.’