Imagine Film Festival: In gesprek met de dood
Zuid-Amerikaanse magisch-realisme op het Imagine Film Festival

De gerestaureerde Mexicaanse klassieker Macario (1960) is het vlaggenschip van een programma rond het Zuid-Amerikaans magisch-realisme op 2 november, de Dag van de Doden. Over hoe het verleden doorleeft in geesten die maar blijven rondspoken.
Had hij maar één keer in zijn leven een gebraden kalkoen voor zichzelf, wenst de Mexicaanse houthakker Macario, als hij op de Dag van de Doden in de stad het vette gevogelte aan zijn neus voorbij ziet gaan. De straatarme man, die zijn maaltijd steevast afstaat aan zijn hongerige kinderen, is het zo zat dat hij al zijn leven lang tekort komt, dat hij weigert om nog maar één hap te eten tot hij eindelijk genoeg geld heeft om van te leven.
Zijn bezorgde vrouw steelt daarop van een rijke Spaanse kolonistenfamilie een kalkoen voor hem. Als hij die in het bos rustig wil oppeuzelen wordt Macario bezocht door god en de duivel. Maar met hen wil hij niet delen; zij hebben het goed genoeg. De broodmagere, hongerige dood gunt hij daarentegen de helft. Die beloont hem daarvoor met een magisch, geneeskrachtig kruikje water.
De Oscarnominatie in 1961 voor de Mexicaanse speelfilm Macario (1960) was de eerste ooit voor een Zuid-Amerikaanse film. Het werd daarmee de kroon op de ‘Época de Oro’ (Gouden Eeuw) van de trotse, zelfbewuste Mexicaanse cinema. Tijdens die bloeitijd tussen pakweg 1930 en 1960 werden typisch Mexicaanse filmgenres populair, waaronder muzikale komedies en melodrama’s over het harde leven in de stad of op het platteland. Er was kruisbestuiving tussen filmmakers en avantgardistische Mexicaanse kunstenaars, zoals bijvoorbeeld Diego Rivera en Frida Kahlo, die in dezelfde kringen verkeerden. Beiden hadden een affaire met Maria Félix, bijgenaamd ‘La Doña’: de belangrijkste filmster van die tijd.
Daarnaast was er de invloed van door WO II naar Mexico gevluchte Europese filmmakers, onder wie de Spaanse surrealist Luis Buñuel, die er een van zijn beste films (Los olvidados, 1950) maakte.
In het visualiseren van het bovennatuurlijke in een alledaagse context speelde de Mexicaanse cinema een voortrekkersrol. Zowel in de Latijns-Amerikaanse film als literatuur groeide het magisch realisme uit tot de ultieme kunstvorm om trauma’s uit het (post)koloniale en dictatoriale verleden te verwerken. Denk aan schrijvers als Gabriel García Márquez (Colombia), Isabel Allende (Chili) en Jorge Luis Borges (Argentinië). Hoe vitaal dat Zuid-Amerikaanse magisch-realisme nog altijd is, laat Imagine nu zien in een filmprogramma rond het gerestaureerde Macario.
Macario is een sociale kritiek in de vorm van een volksverhaal dat put uit inheemse- en christelijke tradities die samenkomen op de Dag van de Doden. De veelgeroemde magisch-realistische scène waarin Macario de dood spreekt in een grot vol kaarsen was voor de hedendaagse Mexicaanse filmgigant Guillermo del Toro een inspiratiebron voor de onderwereld die hij schiep in Pan’s Labyrinth (2006), dat ook op Imagine te zien is. Daarin bezweert een meisje in het fascistische Spanje onder Franco haar angsten, door te vluchten in een fantastisch labyrint dat wordt bevolkt door mythische natuurwezens.
De band tussen het rijk van de levenden en de doden vormt ook het kloppend hart van het prachtig geschoten, Argentijnse Risa and the Wind Phone (2025). Daarin legt een meisje via een oude telefooncel contact tussen de gestorven slachtoffers van een verwoestende brand die tien jaar eerder haar wijk in de as legde en de nog altijd rouwende nabestaanden.
In de zich sluipenderwijs ontspinnende thriller La Llorona (2019), naar een bekende Zuid-Amerikaanse mythe over een wanhopige, treurende vrouw, krijgt een voormalige Guatamalteekse dictator bezoek van de kwade geesten uit zijn verleden.
De indrukwekkende arthousefilm Los Silencios (2018), tenslotte, van de Braziliaanse Beatriz Seigner draait om een stil plattelandsmeisje dat met haar familieleden is gevlucht voor het geweld in Colombia, waar guerrilla’s al meer dan een halve eeuw vechten tegen de confiscatie van hun land door het regeringsleger. Als er vredesbesprekingen zijn, krijgen daarin ook de rondspokende doden een stem.
Zo houden ook eigentijdse Zuid-Amerikaanse filmmakers nog altijd het gesprek met het dodenrijk levend.
