Grappen over cultuurbotsingen in ons land, wij Nederlanders smullen ervan. Tenminste, in de veiligheid van een donkere bioscoop. Een snelle blik op de box office-lijsten met de best bezochte Nederlandse films van de laatste jaren laat zien dat er naast de altijd goed scorende Hollandse romcoms, oorlogsdrama’s en Sinterklaasfilms, ook een ander genre is dat steevast de jaarlijkse top tien haalt: de multicultikomedie.
Een film als De Tatta’s (2022), over een gezin van rijke, witte Nederlanders die door een mislukte investering het grootste deel van hun vermogen kwijtraken en terechtkomen in een minderbedeelde, multiculturele wijk, trok maar liefst 700.000 bioscoopbezoekers. Ook de twee vervolgdelen van deze koddige komedie over de verschillen tussen deze tatta’s – straattaal voor witte Nederlanders, afgeleid van ‘patata’, het Surinaamse woord voor aardappel – en niet-witte Nederlanders bereikten minstens de status van Gouden Film (100.000 bezoekers). En alsof dat nog niet genoeg was kregen De Tatta’s in 2024 ook nog eens een eigen serie.
En wat te denken van de Bon Bini-films van cabaretier Jandino Asporaat? Deze inmiddels vijfdelige reeks komedies vol bijzondere typetjes van verschillende komaf speelt zich veelal af in het fastfoodrestaurant FC Kip. De films werden zo populair – in totaal goed voor meer dan twee miljoen bezoekers – dat Asporaat met veel succes twee échte filialen van FC Kip runt in zijn thuisstad Rotterdam.
In de derde aflevering van Video Take, het nieuwe filmprogramma van VPRO Cinema, neemt presentator Cesar Majorana je mee naar waar het allemaal begon. Met dezelfde aanstekelijke passie als waarmee hij in aflevering 1 een ode bracht aan de knotsgekke cultklassieker I Love Dries (zeker even terugkijken), vertelt hij ditmaal over de allereerste multicultikomedie: Shouf Shouf Habibi! (2004).
Deze ‘luchtige, vlotte en pretentieloze’ film – aldus onze eigen recensie – verhaalt over een Marokkaanse familie in Amsterdam. Het was een van de eerste Nederlandse films waarin niet-witte Nederlanders de hoofdrollen vertolkten. Mimoun Oaïssa, een van die hoofdrolspelers en tevens de initiatiefnemer, voelde dat hij steevast werd getypecast in de Nederlandse filmwereld, en kreeg daarom het idee een keer zelf een film te bedenken.
Inspiratiebron
De film sloeg in als een bom: meer dan 320.000 mensen zagen de film in Nederland, maar de komedie kreeg ook voet aan de grond in het buitenland: Shouf Shouf Habibi! werd geselecteerd voor het filmfestival in Berlijn en verkocht aan meer dan veertig landen.
En ook niet onbelangrijk: de film plaveide de weg voor Nederlandse acteurs van kleur, die steeds vaker op het witte doek te zien zouden zijn, in rollen die nu eens niet stereotyperend waren. Denk aan Gouden Kalfwinnaar Rabat (2011) of de immens populaire hitserie Mocro maffia (2018-2024), twee gedegen en veelgeprezen drama’s met een diverse cast.
Bovendien was de film een inspiratie voor filmmakers, waaronder de Algerijns-Nederlandse Jamel Aattache, regisseur van het eerdergenoemde De Tatta’s. Tegenover NRC: ‘Ik herkende me ook erg in films waarin de multiculturele samenleving in Nederland in een vrolijke, positieve context bekeken wordt, zoals Shouf Shouf Habibi! en Het schnitzelparadijs. Toen ik als autodidact films wilde gaan maken, heb ik altijd ook zulke films willen maken.’
Een baanbrekende klassieker dus, dat Shouf Shouf Habibi!, en in de woorden van Majorana zelfs ‘een van de belangrijkste Nederlandse films die ooit is uitgekomen’.
bekijk de aflevering van Video Take hieronder
Accepteer de 'social' cookies voor deze 'youtube'-embed.