De verborgen installatie: kunstenaar woonde vier jaar onopgemerkt in een winkelcentrum
Het uur van de wolf: De verborgen installatie is te zien op NPO 2 en NPO Start
Kunstenaar Michael Townsend eigende zich samen met vrienden een onbenutte ruimte in een Amerikaans winkelcentrum toe – geheel in het geheim.
In 2003 verrees in de Amerikaanse stad Providence een kolossaal winkelcentrum: de Providence Place Mall. Een walhalla voor kapitaalkrachtige consumenten, 325.000 vierkante meter kapitalistische uitwas voor omwonenden. De hoofdingang lag gericht op het welgestelde stuk stad, terwijl de gesloten achterkant grensde aan een verloederd stadsdeel. Minder welvarende inwoners zagen zich zo dubbel buitengesloten, met een gebouw dat hen de rug toekeerde en een luxueus, onbetaalbaar winkelaanbod. Dus toen beeldend kunstenaar en kunstdocent Michael Townsend met enkele vrienden een loze ruimte in het gebouw ontdekte, zag hij zijn kans schoon om het gemeentebestuur en de projectontwikkelaars een loer te draaien: hij besloot er te gaan wonen. Stiekem.
De verborgen installatie (originele titel: Secret Mall Apartment) vertelt het ongelofelijke verhaal van Townsend en deze bevriende kunstenaars, zeven in totaal, met wie hij vier jaar lang zijn intrek nam in het winkelcentrum. Bij wijze van ironische reactie op de gentrificatie van hun buurt toverden ze zeventig vierkante meter ‘onbenutte ruimte’ om tot een gemeubileerd appartement. Op zelfgemaakte videobeelden zien we de groep ongezien een complete kringloopinboedel via een steile trap naar boven slepen: een bank, een buffetkast, een wafelijzer. Alsof je zit te kijken naar inbrekers die niet stelen van de rijken, maar zichzelf jolig en met jeugdige bravoure toe-eigenen wat ze eerder is ontnomen: een betaalbare woon- en werkplek.
In de jaren voordat het winkelcentrum van Providence een stad moest maken waar mensen ‘weer wilden stoppen’, verloren de kunstenaars de fabrieksruimte waarin ze ongestoord konden leven, maken en feesten. Oude privébeelden tonen hoe muziekoptredens en bokswedstrijden plaatsmaken voor mannen in pak. Het betekent het einde van hun vrijplaats. En het begin van de onvrede die leidde tot een zeer amusante uit de hand gelopen kwajongensstreek alias opwindende en geslaagde geëngageerde kunstinstallatie.
Al valt over dat laatste te discussiëren – en dat gebeurt dan ook. Zo blikt de groep terug op de keer dat de politie ze ver voor hun uiteindelijke ontmaskering al eens bijna betrapte bij het naar binnen loodsen van tweeduizend kilo holle betonblokken voor de bouw van een extra muur. Vooral dankzij hun witte privilege kwamen ze met een smoes weg.
Bevoorrecht of niet, Townsend leeft voor zijn kunst en maakt kunst van het leven. Zijn handelsmerk zijn tijdelijke ‘muurschilderingen’ van gekleurd tape. Hij maakt ze met kinderen in het ziekenhuis of met zijn handlangers in de straten rond de Twin Towers, waar in de vijf jaar na 9/11 vijfhonderd slachtoffers een silhouet van tape kregen. Waar het Townsend om gaat: opschudkunst maken, vaak in de openbare ruimte, die iets positiefs teweegbrengt in iemands bestaan. ‘Ik weet niet zeker of het echt kunstzinnig is,’ zegt Townsends broer Brady over het appartement. ‘Het is gewoon zijn creatieve geest die zich op allerlei manieren uit.’ Of dat geen kunst is, vraagt de interviewer. Brady zucht. ‘Verhip.’
Documentairetips in je mailbox?
Wij gidsen je elke week naar documentaires die verder graven; urgent, ontregelend of gewoon steengoed gemaakt.
Je bent er bijna...
Om de nieuwsbrief te ontvangen doe je het volgende:
- Open je e-mail en zoek naar een bericht van ons
- Bevestig je e-mailadres
- Je ontvangt nu regelmatig onze nieuwsbrief 🥳