In de ijzersterke horrorfilm Leviticus is homofobie het monster
Australische horrorfilm over gedwongen conversie

In de Australische horrorfilm Leviticus roept een duiveluitdrijver een kwaadaardige entiteit op als hij twee verliefde gay tieners probeert te ‘genezen’. Deze bovennatuurlijke kracht neemt de vorm aan van de persoon die zijn slachtoffer het meest begeert.
Een van de meest harteloze verzen in de Bijbel is Leviticus 18:22, waar volgens de Herziene Statenvertaling staat: ‘U mag niet slapen met een mannelijk persoon, zoals u met een vrouw slaapt. Dat is een gruwel.’ Door de eeuwen heen zijn miljoenen mannen gevangengezet, vernederd en zelfs vermoord vanwege die ‘gruwel’.
Het was ook het vers dat de Australische regisseur Adrian Chiarella (1981) als tiener regelmatig te horen kreeg op de katholieke school. Overigens weerhield dit hem er niet van om al jong voor zijn geaardheid uit te komen.
‘Maar,’ zo vertelde hij eerder dit jaar op entertainmentsite TheWrap, ‘als jonge gay had ik het idee dat het voor ons steeds iets beter werd. Dat is de afgelopen tien jaar wel veranderd. Er is veel meer antihomoretoriek in het publieke domein en ook in de politiek. Daar wilde ik een film over maken.’
Die film – die niet toevallig Leviticus heet – gaat over de zeventienjarige Naim, die met zijn moeder Arlene naar een niet nader genoemd industriestadje in Australië verhuist. Daar leert hij Ryan kennen en de twee beginnen een relatie. In het geheim, want dergelijke praktijken zijn verboden in het streng religieuze industriestadje. Wanneer men hun liefde toch ontdekt, wordt de hulp van een soort duivelsuitdrijver ingeroepen die de jongens moet ‘genezen’. Dat is het moment waarop Leviticus van een coming-of-age-drama verandert in een horrorfilm, want na de gedwongen conversie worden beide jongens bezocht door een gewelddadige versie van de ander. De door de gebedsgenezer opgeroepen entiteit neemt namelijk de gedaante aan van degene naar wie de jongens het meest verlangen: de ander.

Gay demon
De keuze voor horror was vanzelfsprekend voor regisseur Chiarella. Tegen Filmmaker Magazine zei hij afgelopen juni: ‘Ik ging nadenken over wat mij persoonlijk zou aanspreken en als queer tiener keek ik graag naar horrorfilms. En volgens mij was ik niet de enige, het genre is al jarenlang heel belangrijk voor mijn gemeenschap.’
Inspiratie voor Leviticus werd onder meer geleverd door het tweede deel van de Nightmare on Elm Street-films, Freddy’s Revenge (1985), dat een homo-erotische subtekst heeft, en The Thing (1982), waarin een wezen – net als in Leviticus – de gedaante van andere mensen kan aannemen, zodat je niet meer weet wie je kan vertrouwen.
Ook William Friedkins horrorklassieker The Exorcist (1973) inspireerde Chiarella: wat de gebedsgenezer daarin deed mocht hij in Leviticus juist níét doen. De suggestie bij duiveluitdrijving is immers dat er iets in iemand zit wat eruit moet, in dit geval een soort ‘gay demon’. Als die eenmaal verjaagd is zullen de jongens genezen zijn. Nonsens, vond Chiarella, en daarom draaide hij het om. Zijn gebedsgenezer drijft niets uit, hij voegt iets toe: angst. Angst voor jezelf en voor de ander. In Leviticus is homofobie het monster.
Twee weken voor de opnamen stuurde Chiarella de twee acteurs op pad met allerlei opdrachten
Slang
Omdat veel tijd wordt genomen voor de ontluikende relatie tussen Naim en Ryan moest Chiarella acteurs vinden die dit goed konden overbrengen. De regisseur wilde per se geen twintigers die deden alsof ze tiener waren, waardoor de vijver nog kleiner werd. Uiteindelijk castte hij de tiener Joe Bird, bekend van de wereldhit Talk to Me (2022), als Naim en de relatief onbekende Stacy Clausen als Ryan.
Twee weken voor de opnamen stuurde Chiarella de twee acteurs op pad met allerlei opdrachten. Zo bracht hij ze naar locaties uit de film, waar ze uren moesten rondlopen om te verdwalen en elkaar later weer terug te vinden. In Slant Magazine legde hij uit waarom hij dit deed: ‘Ik stuurde ze bijvoorbeeld ook een druk winkelcentrum in en zei dat ze steeds in hun rol moesten blijven, zodat ze zouden voelen hoe het is om in het openbaar een relatie te hebben. Ook liet ik ze een slang vasthouden, omdat in de film een scène met een slang zit. Zo konden ze ervaren hoe je bang voor iets kunt zijn in het bijzijn van de ander. En ook hoe de ander je daarmee kan plagen, want dat hoort bij jongens van die leeftijd.’
Mia Wasikowska
De rol van Naims streng religieuze moeder Arlene, die een gebedsgenezer op haar eigen zoon afstuurt, wordt gespeeld door Mia Wasikowska, een Australische actrice die in de jaren tien een grote Hollywoodster was. In 2008 werd gecast in haar doorbraakrol in fantasyfilm Alice in Wonderland en een kleine tien jaar later was het ironisch genoeg het alom verguisde vervolg op die film, Alice Through the Looking Glass (2016), dat de actrice deed besluiten Hollywood de rug toe te keren en alleen nog films te maken waar ze zelf in gelooft.
Chiarella zag Arlene eerst nog als een variant op de gewelddadige, knotsgekke moeder uit horrorklassieker Carrie, maar Wasikowska wist hem ervan te overtuigen dat ze de moeder juist heel terughoudend moest spelen, omdat Arlene er zelf heilig van overtuigd is dat ze het beste met Naim voorheeft.
Een goede keuze. Tegen het Amerikaanse filmmagazine The Curb vertelde de regisseur hierover: ‘Het is opvallend dat goede bedoelingen het grootste gevaar vormen in de angstaanjagendste horrorfilms van de afgelopen jaren. Neem Get Out, een film die niet over openlijk racisme gaat, maar over een liberale, witte elite die zwarten objectiveert. Iets dergelijks onderzoeken we ook met het personage Arlene, die denkt dat ze haar zoon beschermt tegen de boze buitenwereld. Maar als je daar even over nadenkt is die goedbedoelde, bedekte homofobie veel schadelijker voor hem dan openlijke homofobie.’
